Amsterdam neigt naar rijdend opladen

Amsterdam neigt naar rijdend opladen

Amsterdam ziet kansen om trolleybussen via de onderstations van de tram op te laden. In het najaar neemt de gemeente een besluit over de eerste 28 elektrische bussen.

Amsterdam twijfelt nog tussen batterijbussen die aan de eindpunten worden opgeladen (opportunity charging) en elektrische bussen die tijdens het rijden onder de bovenleiding opladen: in motion charging (imc). Naar die laatste optie streeft trolleystad Arnhem. Trolleybussen rijden dan aan het eind van de lijn los van de bovenleiding een stukje de regio in. Kiepe Electric kreeg precies een jaar geleden Europese subsidie om twee gelede trolleybussen te bouwen voor Arnhem die in 2018 los van de draad gaan rijden.

Ruimte beperkt
GVB, gemeente Amsterdam en de Vervoerregio Amsterdam hebben voor de drukste buslijnen in de stad (lijn 18, 22, 40 en 48) onderzocht welke methode het meest kansrijk is. Voor opportunity charging zijn in de buurt van een eindpunt van een buslijn meerdere oplaadpalen nodig. De ruimte daarvoor is beperkt in Amsterdam. Het opladen kost bovendien tijd, waardoor meer bussen nodig zijn om dezelfde dienstregeling te kunnen rijden.

Imc-trolleybus van Solaris met elektrische inrichting van Kiepe Electric op de Wageningse Berg.

In motion charging scoort wat dat betreft beter. De elektrische bus heeft dan op ongeveer 40 procent van de route bovenleiding nodig om de batterijen op te laden. Daar wil Amsterdam de onderstations van de trambovenleiding voor gebruiken. Eind juni bewees een 18-meter trolleybus uit het Duitse Esslingen in de regio Arnhem dat hij onderweg kan opladen en zonder bovenleiding kan verder rijden op de batterij. De imc-trolleybus reed zelfs 24 kilometer los van de voeding van Arnhem tot Wageningse Berg. Een delegatie uit Amsterdam was bij proefnemingen ten zuiden van Arnhem en toonde zich onder de indruk.

Trolleybovenleiding
Het besluit dat Amsterdam in het najaar neemt gaat over de vervanging van een eerste serie van 28 dieselbussen door elektrische bussen in 2020. Het voornemen van Amsterdam is om te beginnen met het aanleggen van stukken trolleybovenleiding op de route van buslijn 22 (Indische buurt–station Sloterdijk) en lijn 48 (Houthavens–Borneo Eiland). De onderstations van de tram dienen voor de voeding van de trolleybussen, maar trolley- en tramdraden blijven strikt gescheiden. Een trolleybus kan niet worden gevoed via de tramdraden. De retourstroom loopt bij de tram namelijk via de wielen naar de rails.

Imc-trolleybus uit Esslingen op 26 juni bij Arnhem Centraal.

Nieuwe stukken trolleybovenleiding aanleggen lijkt duur, maar die kosten verdient GVB ruim terug, want een imc-trolleybus hoeft niet stil te staan aan het eindpunt om op te laden. Dat scheelt voor de lijnen 22 en 48 ongeveer zeven bussen en de nodige chauffeurs. Bovendien zijn oplaadpunten in het geval van opportunity charging ook niet goedkoop.

De enige bedenkingen van Amsterdam tegen een trolley zijn van esthetische aard. Verklaarde tegenstanders vinden bovenleidingdraden niet mooi. Amsterdamse bestuurders zagen bovenleiding lange tijd als een stap terug in de tijd. Nog steeds spreekt de gemeente consequent over ‘elektrische bussen’ in plaats van over trolley. Maar de geslaagde proefnemingen in de regio Arnhem lijken de grootste aarzelingen te hebben weggenomen.

6 reacties

  1. Dick
    21 juli 2017 om 23:18- Reageren

    de Arnhemse trolly heeft 2 draden + en -. (zie foto boven het artikel). De Amsterdamse tram heeft alleen een + draad, het spoor is de -. Wellicht krijgen de Amsterdamse bussen stalen wielen??

  2. Jan
    22 juli 2017 om 12:38- Reageren

    Dick,

    Amsterdamse politici kennende komen ze daar pas achter als de bussen in de remise staan.

  3. Hans
    22 juli 2017 om 19:22- Reageren

    Heren, kijk eens verder dan Amsterdam en ga kijken in Genève en Zürich, hier rijden trolleybussen en trams op dezelfde rijbaan, kruisen elkaar etc. En maken gebruik van dezelfde voedingspunten.

  4. huub
    22 juli 2017 om 20:04- Reageren

    In Zwitserland hebben de trolleybus en tram elk eigen draden. Op parallelle trajecten hangen er dus 3 draden per rijrichting. Met extra ingewikkelde wissels in de draden want de + en de – draad van de trolleybus mogen elkaar én die van de tram niet raken. In Venetië heb ik een trolleybus gezien met 1 draad bovenleiding en 1 rail onder de bus. Het is dus wel mogelijk maar dan met 2 pantografen, 1 voor tegen de bovenleiding en (minstens) 1 om door een rail te slepen. De bus moet dan ook de wissels kunnen beïnvloeden.

  5. Ben
    25 juli 2017 om 16:35- Reageren

    Huub, dat ding in Venetië is geen trolleybus maar een bandentram. Het gaat hier om een speciaal systeem waarbij de voertuigen d.m.v. een geleiderail het juiste traject volgen. Onder de bus zit dan ook geen pantograaf maar wielen die de rail vastklemmen. Zie: en.wikipedia.org/wiki/Translohr

    Aanleg van zo’n systeem is vrijwel hetzelfde als het vertrammen van buslijnen.

  6. Philip
    3 augustus 2017 om 19:02- Reageren

    kan men niet onder de bus een soort arm met een wieltje/sleepschoentje maken dat een tramrail volgt om als – te dienen? Moet niet heel ingewikkeld zijn, denk aan hoe een schrijfkop van een harde schijf werkt.

Laat een reactie achter

Lees ook