‘Nut automatisch ov eindelijk onderbouwd’

‘Nut automatisch ov eindelijk onderbouwd’

Reizigers moeten nog wennen aan het idee van automatische voertuigen als aanvulling op het ov. Dat blijkt uit onderzoek van drie adviseurs van Goudappel Coffeng en de TU Delft die daarmee vanavond de CVS Prijs 2016 wonnen.

Over zelfrijdend vervoer wordt veel geroepen, maar nu is er dan ook eindelijk de onderbouwing, stelde de jury vanavond tijdens het congres van het Colloquium Vervoersplanologisch Speurwerk (CVS) in Zwolle. Arthur Scheltes, Menno Yap en Niels van Oort schreven hun winnende paper onder de titel: Het verbeteren van de last mile in een ov-reis met automatische voertuigen.

Last mile
De onderzoekers verkenden de reis met zelfrijdende voertuigen tussen station Delft Zuid en de TU Delft campus. Op dat stuk is nu geen ov. Reizigers leggen de last mile meestal te voet of met de fiets af. De afstanden van het station naar de diverse bestemmingen op de campus variëren van 1,5 tot 2,4 kilometer. De reistijd per fiets is 5 tot 9 minuten en lopen duurt 14 tot 24 minuten. Relatief hoge reistijden dus voor zo’n korte afstand.

Op een gemiddelde werkdag is de behoefte aan vervoer voor de last mile 850 trips, volgens de onderzoekers. Uit een enquête onder reizigers, waaraan 761 mensen meededen, bleek dat 57 procent een zelfrijdend voertuig zou overwegen als vervoermiddel voor het laatste stukje naar de TU Delft. Daarmee zou er voldoende vraag zijn.

Eenpersoonsvoertuigen
Om in de vervoerbehoefte te voorzien zijn minstens 35 eenpersoonsvoertuigen nodig, die maximaal 18 kilometer per uur rijden. De pods rijden tussen 7.00 en 19.00 uur en worden opgeladen in een depot. De gemiddelde reistijd is 11,5 minuten, aanzienlijk sneller dan lopen (19 minuten), maar een stuk langzamer dan fietsen (9 minuten).

De reis met een automatisch voertuig kan echter sneller door de reizigers zoveel mogelijk te laten boeken via de smartphone. Dat verkort het wachten op een voertuig. Zelf het voertuig besturen met maximaal 30 kilometer per uur helpt ook én vergroot de capaciteit van het systeem. Ten slotte scheelt het 40 procent in de wachttijd als de voertuigen klaar staan waar de reizigers zijn: in de ochtend bij station Delft Zuid en ’s avonds op de campus.

psychologische factoren
Ook keken de onderzoekers naar vijf psychologische factoren ten aanzien van zelfrijdende voertuigen: de veiligheid, stiptheid, duurzaamheid, productiviteit (andere zaken doen tijdens de rit), en het plezier om zelf te rijden. Veiligheid en duurzaamheid bleken voor de geënquêteerden de twee belangrijkste keuzeaspecten.

Uit het onderzoek kwam verder dat treinreizigers die doorgaans eerste klas reizen een zelfrijdend voertuig gemiddeld positiever waarderen dan de fiets of bus/tram/metro. Waarschijnlijk hechten zij veel waarde aan comfort. Treinreizigers tweede klas vinden een automatisch voertuig juist minder aantrekkelijk dan de fiets of het ov.

Zelf rijden
Ook opvallend is dat de tijd in het zelfrijdend voertuig gemiddeld negatiever wordt gewaardeerd dan wanneer de reiziger zelf moet rijden. Vaak wordt gedacht dat de reistijd in een zelfrijdend voertuig als een pluspunt wordt ervaren, omdat je dan immers kunt werken. Maar de reizigers zien dit dus anders. Mogelijk omdat ze geen ervaring hebben met een zelfrijdend voertuig, of omdat het voordeel op zo’n kort stukje beperkt is.

Eén reactie

  1. LexBoersma
    25 november 2016 om 15:32

    ” Nut automatisch OV eindelijk onderbouwd. ”
    Blijkbaar veel mensen in OV-land leven nog onder de bekende steen.

    Oproepgestuurd betekent logistieke optimalisatie, met een beetje reizigersstromen perfect snel direct openbaar vervoer met korte wachttijden en -vanwege lage kosten- volledig rendabel (lokaal / first/ last mile vervoer).

    Dat je daarmee een prijs kan winnen, had ik moeten weten. Maar toch gefeliciteerd !

Lees ook