Den Haag krijgt busplatform in stijl

Den Haag krijgt busplatform in stijl

door Ekki Kreutzberger in rubriek decentraal
Reacties uitgeschakeld voor Den Haag krijgt busplatform in stijl

Het busplatform Den Haag Centraal wordt volgend jaar heringericht en krijgt dan een golvende nieuwe overkapping. De perrons draaien een kwartslag, zodat de reizigers de voorkant van de bussen kunnen zien vanuit de stationshal.

Een vernieuwd busplatform is de volgende stap in de opwaardering van het ov-knooppunt Den Haag Centraal, na de bouw van de stationshal, de aanpassing van de perrons voor treinen, de reconstructie van het tramplatform, de realisatie van de Haagse loper en de aanleg van het Haagse Startstation E-lijn (HSE).

Den Haag Centraal fungeert als overstapmachine tussen alle vervoerwijzen in de regio Haaglanden. Rondom Den Haag Centraal bevindt zich de grootste kantorenconcentratie van de regio, die via goede looproutes zijn te bereiken vanuit Den Haag Centraal. De parkeernormen zijn er streng en de instellingen en bedrijven doen aan vervoermanagement. Voor het centrum is het aandeel van het ov ongeveer 35 procent, voor de fiets en de auto beide ruim 30 procent. Het aandeel van de auto gaat dalen in de toekomst. Rondom Den Haag Centraal is dat nu al slechts 10 procent.

Variantenstudies
De huidige inrichting van het busplatform is onoverzichtelijk, de looproutes zijn lang en busreizigers moeten tussen de stationshal en de instapperrons twee keer de rijbaan voor bussen oversteken. In de jaren negentig van de vorige eeuw wezen verschillende variantenstudies al op de noodzaak van herinrichting van het busplatform. Het idee was om de instapperrons dichter bij de stationshal te leggen en ze een kwart slag te draaien, zodat reizigers de bussen van voren zien en slechts één keer hoeven over te steken.

De aanbevelingen uit die studies zijn nooit uitgevoerd, maar hebben het ontwerp van de stationshal wel beïnvloed. In de hal is naast het busplatform een wachtruimte voor busreizigers ingericht. De ligging ervan is al afgestemd op het draaien van de perrons.

Oversteekzone.

Oversteekzone.

Busplatform
Het nieuwe ontwerp gaat uit van groei van het busvervoer, maar heeft slechts tien instapperrons. Het huidige platform 18 perrons. Een instapperron zal doorgaans door meerdere buslijnen worden gebruikt. Vanaf 2018 wacht de reiziger in de wachtruimte in de stationshal op de komst van zijn bus, of op het trottoir vóór de wachtruimte. De actuele reisinfoschermen informeren de reizigers over lijnnummer, richting en vertrektijden. De reiziger steekt pas over naar het instapperron wanneer de bus wordt aangekondigd op het scherm en er geen andere bus meer staat. Tussen wachtruimte en instapperrons rijden de bussen maar één keer in één richting door het gemengde gebied voor voetgangers en bussen. De oversteekzone wordt duidelijk gemarkeerd en bevordert de veiligheid.

Een van de inspiratiebronnen voor Den Haag was busstation Eindhoven, dat ondanks de hoge busintensiteit als zeer verkeersveilig geldt. In de spits rijden daar drie keer zo veel bussen als wat is voorzien op het busplatform van Den Haag in 2025.

Instapperrons naast elkaar
Op Den Haag Centraal hebben we gekozen voor instapperrons die naast elkaar liggen, tegenover een wachtgebied voor instappers, zoals in Eindhoven, Delft, Nijmegen en Enschede. Een alternatief is achterelkaar liggende instapperrons, meestal rondom een verkeerseiland zoals in Amsterdam, Rotterdam en Breda. Den Haag onderscheidt zich van andere busstations met naast elkaar liggende perrons doordat ieder instapperron in principe door slechts één bus tegelijk zal worden gebruikt. Dit komt het reisconfort ten goede.

Indeling busperrons.

Indeling busperrons.

Het nieuwe busplatform heeft aan de kant van de Anna van Buerenstraat vijf uitstapperrons. De eerste twee, gezien vanaf de stationshal, zijn gereserveerd voor eindpuntbussen. Daar stappen alle reizigers uit zodat alleen bussen zonder reizigers de scherpe U-bocht na het uitstapperron hoeven te maken. Uitstapperrons 3, 4 en 5 worden door zowel eindpuntbussen als doorgaande bussen gebruikt. De laatste drie perrons fungeren ook als plekken voor trein- of tramvervangende bussen. Lijnbussen laten hun reizigers dan uitstappen bij de instapperrons.

Tenslotte biedt het busplatform ook ruimte voor touringcars. Dit zijn langeafstandslijnbussen en charterbussen naar bestemmingen buiten Den Haag, vaak in het buitenland. Veel touringcarreizigers gebruiken voor hun voor- en natransport het ov. Daarom wil de gemeente de touringcarfunctie op het busplatform houden, ondanks de beperkte ruimte.

Droge instap
Bij de herinrichting hoort een nieuwe kap die past bij de ambitie van Den Haag om de groei van de mobiliteit op te vangen door hoogwaardig openbaar vervoer. Een droge in- en uitstap naar en van de bussen is comfortabeler en verleidt meer reizigers om voor het ov te kiezen. Aansprekende voorbeelden van overkapte busstations zijn die van Amsterdam Centraal en Breda.

Busplatform met het Haagse Startstation E-lijn rechts.

Busplatform met het Haagse Startstation E-lijn rechts.

De nieuwe situatie voorziet in een grote golvende overkapping boven de instapperrons, een kleine kap bij de uitstapperrons 1 en 2 (de andere uitstapperrons worden overdekt door het HSE), een paviljoen bij het Prins Bernhardviaduct en windschermen met droogloop langs de randen van het busplatform. Dit alles is ontworpen door Benthem Crouwel Architects, die ook tekende voor Den Haag Centraal. De grote overkapping loopt een stukje door in de stationshal. Hierdoor kan de reiziger sneller zien waar hij moet zijn. Ook de kap van het HSE steekt al een stukje in de stationshal.

Het paviljoen herbergt een sociale ruimte voor de buschauffeurs, een verkoopbalie voor langeafstandsbussen en een ruimte voor systeemkasten (voor de verkeersregeling en actuele reizigersinformatie).

Reizigersinformatie
De wachtruimte voor busreizigers is al voorzien van provisorisch meubilair. Dit wordt vervangen door banken langs de ramen van de stationshal. Reizigers kunnen zo de bussen vanuit de wachtruimte zien, zoals passagiers op Schiphol de vliegtuigen. In de wachtruimte komt statische en actuele reizigersinformatie over de bussen, bij de looproute ook over trams en treinen.

Instappers krijgen de eerste informatie over bussen bij aankomst op het station via schermen op maaiveld. Dezelfde informatie zien ze boven in de wachtruimte. Boven de instapperrons komen perrondisplays die groot genoeg zijn om ze vanuit de wachtruimte te kunnen lezen. Visueel gehandicapten krijgen actuele reizigersinformatie per smartphone en statische informatie in braille.

Het programma van eisen vermeldt ook de locaties in de wachtruimte voor een toiletvoorziening en een mogelijke kiosk. De toiletten waren een wens van burgers tijdens de inspraakavond en van de politiek. De wethouder heeft de toiletvoorziening toegezegd aan de gemeenteraad.

Prins Bernhardviaduct
Bijna heel het Prins Bernhardviaduct hoort tot het plangebied van het busplatform. De in- en uitritten van het busplatform komen samen op één kruispunt, waar voetgangers kunnen oversteken. Het viaduct maakt deel uit van een zogenaamde sterfietsroute tussen het centrum en Leidschenveen. De fietsstrook op het viaduct wordt fietspad, tegels worden vervangen door rood asfalt.

Planning
Het voorontwerp van het busplatform is ontwikkeld samen met burgers en instellingen, waaronder burenoverleg, ov-gebruikerplatforms Rocov en Rover, Metropoolregio Rotterdam Den Haag, drie ov-busbedrijven, de touringcarsector, NS en ProRail. Het ontwerp is in oktober 2015 vastgesteld door de gemeenteraad. De totale kosten bedragen een kleine 20 miljoen euro.

De uitwerking van het plan wordt vanaf het voorontwerp aanbesteed aan de markt, in plaats van dat de gemeente zelf eerst een definitief ontwerp en bestektekeningen maakt en vervolgens de bouw aanbesteedt. In 2017 worden het busplatform en het Prins Bernhardviaduct heringericht. Dan komt ook de actuele reizigersinformatie in de wachtruimte beschikbaar. De overkappingen en het paviljoen worden in het najaar van 2018 opgeleverd. Het HSE komt deze zomer al gereed.

 

Ekki Kreutzberger werkt bij de Dienst Stedelijke Ontwikkeling, afdeling Verkeer van de gemeente Den Haag. Tot februari 2016 was hij projectleider herinrichting en overkapping van het busplatform. De verdere uitwerking en realisatie is nu in handen van de Dienst Stadsbeheer.

 

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.

Lees ook