‘Virtueel koppelen levert reistijdwinst op’
dossier Innovatie

‘Virtueel koppelen levert reistijdwinst op’

Met de toepassing van bestaande technieken is het mogelijk om 35 procent sneller van Amsterdam naar Berlijn te reizen. Dat concluderen drie studenten van de Universiteit Twente.

Ze presenteren hun conclusies vandaag aan op een bereiksbaarheidscongres dat onderdeel is van Die Tolle Woche, een evenement in Enschede over grensoverschrijdende samenwerking.

Het drietal ontwikkelde een concept dat ze doopten tot de NOOK. “De NOOK bestaat uit virtueel gekoppelde rijtuigen die fysiek niet verbonden zijn, maar zeer dicht achter elkaar bewegen. Wanneer een reiziger van Amsterdam naar Berlijn wil reizen, kiest hij het rijtuig met eindbestemming Berlijn, dat alleen daar stopt. De achttien tussengelegen stations slaat dit rijtuig over. Wanneer een reiziger naar een tussengelegen station wil reizen vanaf Amsterdam, kiest deze de wagon met de bestemming die het dichtst bij dat station ligt. Daarmee heeft dus elk rijtuig zijn eigen bestemming”, aldus Werner Schouten, een van de studenten.

De studenten combineerden drie technieken met elkaar die volwassen genoeg zijn om nu ingevoerd te worden. De rijtuigen communiceren onderling met elkaar door middel van techniek, vergelijkbaar met platooning, de experimentele techniek waarbij vrachtauto’s op korte afstand van elkaar rijden. Voor de aandrijving denken de studenten aan de Atrain-technologie, ontwikkeld door studenten aan de TU Delft, waarbij magneten en luchtdruk zorgen voor een frictieloze aandrijving van de trein op bestaande spoorinfrastructuur. De beveiliging zou geregeld moeten worden door een systeem dat wordt ontwikkeld  in het SHIFT2RAIL-programma van de EU.

Elk rijtuig biedt plaats aan ongeveer 50 personen. “Wanneer de NOOK vertrekt vanuit Amsterdam, rijden alle rijtuigen met kleine tussenafstanden achter elkaar aan”, vervolgt Schouten. “Een rijtuig met eindbestemming Amersfoort, blijft in Amersfoort achter en stopt daar als enige van alle rijtuigen. De andere rijtuigen rijden zonder te stoppen door tot hun eigen eindstation.”

Het drietal hoopt op korte termijn met NS, DB en regionale spoorvervoerders om tafel te kunnen zitten om de techniek van de grond te krijgen.

8 reacties

  1. Barend Köbben
    28 september 2017 om 15:02- Reageren

    …en als ik nu van plan verander, of een telefoontje krijg dat mijn meeting niet doorgaat, dan moet ik helaas toch blijven zitten tot Berlijn…?

  2. Rens
    28 september 2017 om 15:22- Reageren

    Eerst wordt veelbelovend gemeld
    “drie technieken met elkaar die volwassen genoeg zijn om nu ingevoerd te worden”
    en dan wordt het gevolgd door:
    – “platooning, de experimentele techniek”
    – “denken de studenten aan de Atrain-technologie” (de video op die website noemt het jaar 2045)
    – “een systeem dat nu nog ontwikkeld wordt”

    Dan nog: 35% sneller betekent dat de gemiddelde snelheid tussen Amsterdam en Berlijn 166 km/h moet zijn, dat gaat niet lukken met de diverse snelheidsbeperkingen rond stations op die route.

    Het stelt dus niet meer voor dan wat leuke toekomstdromen.

  3. Ben Honders
    28 september 2017 om 15:57- Reageren

    Wat een onzin verhaal is dit.
    Als dit doorgaat is een uitstepje naar een restauratie rijtuig onmogelijk geworden en wat dacht men van de conducteur hoe moet die zijn werk doen.
    Er moet voor de wet altijd een conducteur op de trein zijn en in dit systeem kan dit niet want als hij zich op het moment dat het rijtuig dat achter blijft in dat rijtuig bevind wanneer het gaat afremmen heeft het voorste gedeelte geen conducteur meer.
    Tevens worden bij veel lange afstandstreinen wagens uitgewisseld, hoe wil men dat dan doen.

  4. PeterHaaswijk
    28 september 2017 om 21:24- Reageren

    Waar blijven de rijtuigen die hun eindstation bereikt hebben?

  5. Maxim
    29 september 2017 om 13:39- Reageren

    En als ik van Hengelo naar Berlijn wil, of van Rheine naar Hannover? Het lijkt me dat er meer winst te behalen is in een sneller treinpad (niet eens per sé hogere maximumsnelheid) en het ontbreken van een locomotiefwissel.

  6. Maurits van Witsen
    29 september 2017 om 17:04- Reageren

    Afgezien van allerlei genoemde technische bezwaren wordt een heel belangrijk aspect vergeten. Tussen Amsterdam en Berlijn rijden nog heel veel meer andere treinen, stoptreinen, IC-treinen, goederentreinen, treinen met verschillende herkomst en bestemming, enz. Daar loopt de wondertrein op stuk. Een spoorbaan is geen meerstrooksautoweg, waarop zo’n kunststukje trouwens ook onmogelijk is.

  7. Fred Andrioli
    29 september 2017 om 19:58- Reageren

    De reistijd van Amsterdam Centraal tot Berlijn HBf is nu 6 uur en 22 minuten.
    Niet concurrerend dus.
    Wat zou kunnen gebeuren is het schrappen van de stops in Hilversum ,Almelo, Rheine, Bünde, Bad Oeynhausen, Minden, Wolfsburg en Stendal. Dat zou al meer dan een halfuur reistijdwinst opleveren.
    Als Amsterdam-Berlijn ook nog gereden zou worden met de ICE, dan vervalt het lok-wisselen in Bad Bentheim. Bovendien kan de trein tussen Löhne en Berlijn meer snelheid maken. Volgens mij ook nog bij elkaar een reistijdvermindering van meer dan 40 minuten.
    Dan zou een reistijd van Amsterdam-Berlijn van ca. 5 uur en 10 minuten mogelijk zijn.
    Dan is de trein pas een goed alternatief vergeleken met vliegtuig en auto.
    En dat zonder extra investeringen in de infrastructuur. Alleen moet er dan met een ICE gereden worden.

  8. Björn
    4 oktober 2017 om 16:52- Reageren

    En als je van Amersfoort naar Berlijn wil? Of van Amersfoort naar Bünde?
    Verder is er meer dan alleen deze trein op het spoor. Intercity’s, goederentreinen, etc. Lijkt me sterk dat dit door kan gaan.

Laat een reactie achter

Lees ook