Vervoerders krijgen 1,5 miljard euro terug

Vervoerders krijgen 1,5 miljard euro terug

Het kabinet maakt eind 2020 1,5 miljard euro over aan de Nederlandse ov-bedrijven. Dat maakte staatssecretaris Stientje van Veldhoven vrijdag 5 juni bekend. De beschikbaarheidsvergoeding dekt 93 procent van de gemaakte kosten voor de vervoerders, waarmee de vervoerders zelf 7 procent moeten ophoesten.

De vervoerders maakten de afgelopen maanden forse verliezen als gevolg van de coronacrisis. Daarnaast werd het ov als ‘vitale sector’ benoemd, waardoor ze wel moesten blijven rijden. Begin mei kwamen de overheid en het NOVB overeen dat er een vergoeding moest plaatsvinden, maar was het nog niet in detail uitgewerkt.

Nu is daarvoor een eerste stap gezet, schreef de staatssecretaris aan de Tweede Kamer. De vergoeding loopt over de periode 1 maart tot en met 31 december en geldt voor stad- en streekvervoer, NS en de Friese Waddenveren. Ook is afgesproken dat de decentrale overheden en het ministerie van OCW de bijdragen vanuit de huidige concessieafspraken en OV-studentenkaart doorbetalen. Van Veldhoven: “Het ov is een essentiële schakel in onze samenleving en dat onderstrepen we met deze vergoeding.”

Zware dobber

Wel dragen de vervoerders een eigen bijdrage van maximaal 7 procent van de totale kosten bij. Het Rijk vergoedt dus 93 procent van de kosten, wat neerkomt op 1,5 miljard euro. De vervoerders nemen dus een verlies van enkele honderden miljoenen euro’s op de koop toe, vertelt Pedro Peters van branchevereniging OV-NL.

“Dat is een zware dobber”, erkent hij, “maar op deze manier maken ook wij onze maatschappelijke verantwoordelijkheid waar. Het is een gelijke regeling voor alle bedrijven: gelijke monniken, gelijke kappen.”

Laat een reactie achter

Lees ook